Artikel

Wolven in Yellowstone

Bang voor de boze wolf? Tien Jaar wolven in Yellowstone bracht onverwachte veranderingen.

Van veerover tot cash cow


Dit artikel is eerder in 2004 in Nieuwe Wildernis gepubliceerd

Door Tom Bade


Natuurbeschermers, lokale ondernemers en biologen, kwamen op 14 januari 2005 bij elkaar om te vieren dat exact tien jaar geleden veertien wolven uit Canada in Yellowstone werden uitgezet door de Fish and Wildlife Service. Het doel was om in ’s werelds eerste nationaalpark door herintroductie een wankel ecosysteem weer op de been zou worden geholpen. Een ecosysteem dat was ontwricht door de afwezigheid van de wolf en andere grote predatoren gedurende de laatste vijftig jaar - de poema kwam er recent vanzelf terug (!). Gelukkig viel er ook daadwerkelijk wat te vieren. Het gaat namelijk goed met de wolven in ‘ the lower 48 states. Want niet alleen in Yellowstone, ook in Idoha en de noordelijke Rockies zijn wolven uitgezet, terwijl de wolf zichzelf in Montana heeft geherintroduceerd. Tegenwoordig leven er weer zo’n achthonderd wolven in Idaho, Montana en Wyoming, waarvan bijna een kwart in Yellowstone.


Uiteraard zijn de ecologen enthousiast. Studies laten zien dat de wolven vooral de wapitistand sterk reguleren, niet zozeer door het aantal dat ze doden, maar door het gedrag van de dieren door hun aanwezigheid te veranderen. De dieren kunnen het zich namelijk niet meer permitteren om oneindig op de meest favoriete plaatsen te foerageren. Daardoor is de overbegrazing van de rivieroevers en de Aspenbossen (ratelpopulieren) sterk verminderd, hetgeen heeft geleid tot een toename van de zangvogels en de terugkeer van de bevers. De terugkeer van de wolf is dus zowel te zien als te horen in het landschap. Zoals een ecoloog van de Fish and Wildlife Service terecht opmerkte: “Iedere keer dat een wolf een prooi vangt heeft dat zijn weerklank tot in de diepste uithoeken van het ecosysteem.”

Geldwolf
Maar het meest onverwachte is toch wel de enorme bijdrage die de terugkeer van de wolf heeft geleverd aan de lokale economie. In 2002 is door de Universiteit van Montana vastgesteld dat door de terugkeer van de wolf alleen al in het park jaarlijks 23 miljoen dollar aan extra toeristische inkomsten wordt gegenereerd. De totale inkomsten in de regio worden op 50 miljoen dollar geschat! Het is dan ook niet vreemd dat de lokale ondernemers zeer gelukkig zijn met de terugkeer van de wolf. Niet alleen het aantal bezoekers, maar ook de merchandising heeft een grote vlucht genomen. De opbrengsten van de wolven voor de regionale economie overstijgen daarmee de bijdragen van de gehele veehouderij aan de regionale economie. Die trouwens op een verrassend lage 3,5% van het bruto regionaal product staat. De dienstensector (voor het grootste deel toerisme) is goed voor 39,5% van de regionale economie. Het is dan ook meer de eigendomssituatie waar de ranchers hun status aan ontlenen, dan hun economisch gewicht.

Waar de ondernemers vooral erg blij mee zijn, is dat de inkomsten ook in de winter enorm zijn toegenomen. Yellowstone was voorheen bij de bezoekers vooral in de zomer populair, de winters zijn er namelijk bitter koud en skiën is in een nationaalpark uiteraard niet aan de orde. Maar wolven kijken gaat het beste in de winter en dus verschijnen de toeristen nu het hele jaar door.

Zelfs onder jagers is er nu enig enthousiasme waarneembaar. Jagers waren bang dat de komst van de wolven ook grote gevolgen zou hebben voor de wildstand buiten de parkgrenzen, met name voor wapiti’s, elanden en de diverse hertensoorten. Dat bleek erg meegevallen. Veel jagers geeft het idee te jagen in wilde natuur waar ook andere predatoren rondlopen een extra dimensie aan de jacht. En jacht is in Amerika op veel plaatsen eveneens big business.

Als gevolg hiervan heeft zich een enorme verschuiving in het denken over de ‘wolveneconomie’ voorgedaan. Ging het tot voor kort alleen nog maar over de ‘schade’ van enkele honderden veehouders, nu gaat het om het plezier dat miljoenen Amerikanen hebben door de terugkeer van de wolven. Daarmee heeft ook een verschuiving plaatsgevonden van kosten naar baten. Wolven als ultiem voorbeeld van ‘de beleveniseconomie.’

Schade
Het grootste probleem vormen uiteraard nog steeds de veehouders. Maar daar waar de opbrengsten een onverwacht grote vlucht hebben genomen, blijken de kosten erg mee te vallen. Om de kosten van het verlies van door wolven gedood vee te compenseren is door de ‘Defenders of Wildlife’ een speciaal fonds opgezet ‘The Bailey Wildlife Foundation Wolf Compensation Fund’. Sinds 1999 ontvangen de veehouders voor bewezen verliezen de reguliere marktprijs van het vee. In totaal hebben zij sindsdien 440.000 dollar uitbetaalt aan ranchers. Het aantal slachtoffers onder de veestapel is daarmee ver beneden de – toch al lage – voorspellingen gebleven van de biologen. In totaal zijn 210 ranches schadeloos gesteld en was de gemiddelde vergoeding per dier 247,79 dollar.

In een ecologische verkenning van het International Wolf Center werd verwacht dat de wolven 19 koeien en 68 schapen per jaar zouden doden. Uiteindelijk werden in de periode 1995 tot 2001 in totaal 41 koeien, 256 schapen, een veulen, een ezel en 23 honden te grazen genomen. Dat was ver beneden de verwachte ‘schade’. Onderzoek toonde aan dat in het gebied genaamd ‘Greater Yellowstone (het nationaal park en een beschermde zone er omheen) ongeveer 345.000 koeien rondlopen. De ranchers verliezen hiervan jaarlijks zo’n 8.340 dieren door natuurlijke oorzaken. Dit betekent dat de wolven slechts verantwoordelijk zijn voor 1 van de 1400 stuks gestorven vee. Kijken we naar de schapen dan zien we dat in hetzelfde gebied zo’n 117.000 schapen rondlopen. Ieder jaar sterven er zo’n 12.993 schapen. De oorzaken zijn divers: koude, honger, verdrinking. De wolf is in dit geval echter ook maar weer verantwoordelijk voor 1 van de 355 gestorven schapen. Kortom: de ranchers verliezen aanzienlijk meer vee door ‘natuurlijk oorzaken’ zoals ziekten en koude, dan door wolven.

De natuurbeschermers doen echter meer dan alleen onkosten vergoeden. Zij monitoren het aantal en de bewegingen van de wolven om zo de ranchers te kunnen waarschuwen als de dieren in de buurt zijn. En op basis van eeuwenoude ervaringen in Europa zijn speciale waakhonden voor de kudden opgeleid die de wolven verjagen. Er worden zelfs cursussen gegeven aan de ranchers en cowboys hoe zij wolven kunnen verjagen zonder ze daarbij gelijk af te schieten.

Brandhaarden
Natuurlijk zijn er nog steeds brandhaarden van verzet. Zo is er enige tijd een speciale anti-wolvenzender in de lucht geweest vanuit het stadje Bozeman. Uiteraard werd hier geconstateerd dat wolven het vee doodden, stress onder de koeien veroorzaakten, met miskramen als gevolg (ook hier is de pro life lobby kennelijk aanwezig) en dat het schandalig was dat ‘with tax payers money’ de terugkeer van zo’n schadelijk dier werd betaald. En uiteraard is de schadevergoeding niet hoog genoeg. De conservatieve radiozender schreeuwde om het hardst dat iedere door wolven gedode koe te vergelijken is met het stelen van je portemonnee. Op basis van de bijdrage die wolven leveren aan de lokale economie zou je zeggen dat dit eerder het geval is voor iedere gedode wolf. En dat is een reëel gevaar, want als de wolven zich op privé-terrein begeven, dan heeft iedere landeigenaar het recht om het dier dood te schieten. Dit was onderdeel van de overeenkomst tussen de ranchers en de Fish and Wildlife Service.

Toch lijken de geluiden wat te verstommen. Het grootse hangpunt blijft alleen nog dat ranchers sommige dode dieren aanmerken als slachtoffers van wolven, terwijl The Defenders of Wildlige wel harde bewijzen wil zien in de vorm van beten in de nek, de wijze waarop het karkas is opengescheurd, etcetera. Daarbij doet zich niet alleen de situatie voor dat iedere boer natuurlijk wel eens probeert een dier aan te merken als slachtoffer, maar ontstaan vooral discussies over of het dier nu is gedood door een poema, een beer of een wolf. Of nog ingewikkelder; is gedood door een wolf en later aangevreten door andere dieren.

Ontlijsten?
De toekomst zal uitwijzen hoe het met de wolven zal verlopen. Er is één groot gevaar. Als de populatie in Idaho, Wyoming en Montane boven de dertig ‘breeding packs’ uitkomt, kunnen de dieren van de rode lijst worden geschrapt. Dit houdt in dat zij net als andere predatoren kunnen worden bejaagd en ‘beheerd’. Wat dat betekent zien we in Alaska. Daar heeft de Alaska Board of Game’ de jagers togestaan vanuit vliegtuigen op wolven te jagen. Met als gevolg dat deze winter 143 wolven zijn opgejaagd en neergeschoten in een gebied van 16.000 vierkante kilometer, waarmee 80%van de populatie is uitgeroeid. Ook op andere plaatsen is een dergelijk ‘programma’ van start gegaan.

De reden is dat de wolven te veel kariboe’s en elanden zouden doden en daarmee in het vaarwater zitten van de jagers. Gouverneur Frank Murkowski heeft de zijde gekozen van de jagers, hoewel in referenda tot twee maal toe (in 1996 en 2000) tégen deze vorm van jacht is gestemd, hetgeen leidde tot een moratorium op de jacht vanuit vliegtuigen. De gouverneurs’ commentaar: “Mensen die Alaska nooit hebben bezocht zien wolven als majestueuze dieren die niet mogen worden aangeraakt, maar ze zien nooit het majestueuze elandenkalf en het recht van dit kalf om zich voort te planten.” Deze dommigheid werd uiteraard door de tegenstanders direct de kop in gedrukt door te wijzen op het feit dat dit recht van voortplanting van het kalf kennelijk niet opgaat bij predatie door mensen. Het is toch altijd weer opvallend met wat voor dommigheid veel discussies in het conservatieve Amerika gepaard gaan en het geeft ook aan dat direct gekozen geen garantie zijn voor kwaliteit en uitvoering van democratische besluiten.

In zijn boek ‘Never Cry Wolf’ schrijft Farley Mowatt over een oude Inuit-legende die hij ooit hoorde. Hierin creëerde de schepper de mens en vervolgens de kariboe als bron van voedsel voor de mens. Echter, de mensen jaagden alleen op de grote, dikke kariboes. Ze hadden geen trek in de kleine en zieke dieren. De schepper creëerde vervolgens de wolf om juist deze zwakke en zieke dieren op te eten en daarmee de balans in de natuur te herstellen.

Van nature hebben wij in de Westerse samenleving de wolf altijd als directe concurrent gezien. De ervaringen in Yellowstone laten zien dat dit niet nodig is, de wolf vervult precies die functie die hij in de Inuit-legende heeft toebedeeld gekregen. En voor wie wat minder esoterisch is aangelegd, zijn er nu harde economische overwegingen om te pleiten voor de terugkeer van de wolf. Misschien dat het VNO ooit nog wel eerder pleit voor de terugkeer van de wolf dan Staatsbosbeheer of Natuurmonumenten...

______________________________________


De wolf in Nederland
“Nederland is te klein voor wolven” zo is de Pavlovreactie van veel Nederlanders. Een geluid dat te vaak wordt ondersteund door ‘deskundigen’. Het wordt tijd dat we voor eens en voor altijd afscheid nemen van deze onzin. Nederland bestaat niet in ecologische termen. Nederland is een door mensen ingesteld instituut waar geen plant of dier iets mee kan en zich niets van aantrekt . Er is geen vogel of vis die bij Lobith de grens passeert en het gevoel krijgt dat hier andere wetten, zeden en gewoonten gelden dan bij onze oosterburen. De dieren hebben uiteraard ook geen Bosatlas om de rode lijnen op de kaart te bekijken en na te gaan waar welke landen liggen.

Kijken we met een ecologische bril dan kunnen we constateren dat in het oosten natuurgebieden als de Eifel (sinds kort een Nationaalpark, en waar in Duitsland Nationaalpark op staat zit er ook Nationaalpark in (!)), het Reichswald, de Gelderse Poort, de Veluwe, Oostvaardersplassen, Gaasterland... Al deze gebieden zullen onderdeel (gaan) uitmaken van een internationaal ecologisch netwerk. Koolmeesjes, lynxen en wolven trekken dus zo vanuit het oosten naar het westen. Solitaire dieren zijn al in de omgeving van Hamburg, bij het Duitse Soest en in de Eifel gesignaleerd. Zeker als de Ecologische Hoofdstructuur klaar is, is het dus goed mogelijk dat wolven korte of langere tijd in ons land verkeren.

Daarmee moet ook een einde komen aan het beeld dat ooit is ontstaan dat we wolven moeten herintroduceren op de Veluwe, uiteraard met alle nog steeds volop voorkomende voorzieningen als hekken en wat al niet meer. Veel waarschijnlijker is het scenario dat één of meerdere wolven kortere of langere tijd in ons land verblijven. En dat ons land onderdeel gaat uitmaken van een leefgebied van een of meerdere groepen dat zich uitstrekt over delen van Nederland, Duitsland en België. Zoals gezegd in de ogen van dieren in het algemeen en wolven in het bijzonder bestaan grenzen niet. Het wordt tijd dat ook onder ecologen dat besef doordringt en ook zij stoppen met Nederland als ecologische entiteit te beschouwen.